Daar zit hij. In de zon, in zijn rolstoel. Een mooie tuin, ruim en vast aan een prachtig nieuw gebouw. Schreeuwend!

Zijn geschreeuw ging door mijn merg en been. Ik heb geen verstand van ‘gedrag als gevolg van een syndroom/ aandoening of welke beperking dan ook’ maar ik voel wel wanneer een schreeuw vanuit hart en ziel komt.

Deze kwam van binnen, direct binnen. Het deed mij huilen en tegelijk voelde ik mij zo onmachtig. Ik kwam als gast voor een gesprek over ‘verantwoordelijkheid en (zelf)zorg’. Hij liet mij ervaren wat het gebrek er aan betekende voor hem.

Alleen, buiten, schreeuwend… huilend van onmacht. Gebonden aan een stoel en overgeleverd aan de wil van anderen. Die hem niet meer konden zien, omdat zij zichzelf niet meer herkennen, ervaren. Als mens. De mens met al zijn/ haar behoeften. Als eerste: veiligheid.

Hoe veilig voelde hij zich daar in de tuin?

Ik had een heel stuk klaar over ‘behoeften, verantwoordelijkheid en de koppeling tussen die twee’. Om mijn visie eens te delen over de zorgen in de zorg, het onderwijs en waar nog meer.

Ik krijg het er niet uit. Ik kan zo niet schreeuwen. Het is eenzelfde mechanisme wat ik zo hard aan het werk zie in die omgevingen die ‘op hun basis staan te trillen en mogelijk instorten’. Ik wilde bewijzen waarom het niet werkt zo, overtuigen dat het echt anders moet en dan met ‘feiten’.

Ik krijg het niet weg, want ik voel alleen maar tranen. Tranen van onmacht, onbegrip (het niet snappen) en frustratie.

Zijn geschreeuw kwam binnen, vanuit het hart. Maar er wordt buiten hem om nog zoveel meer geschreeuwd, uit het hoofd: over de beste manieren om het op te lossen. Beter te weten, overtuigen en wedijveren. Ik lees theorieën om tekorten op te lossen, ik hoor ‘wat als, als dan, ja maar’. De ene expert schreeuwt nog harder dan de ander. Het moet anders, beter, sneller. De lekkage op menselijkheid groeit met elke discussie over het onderwerp. De zorg, onderwijs en al die andere mens-omgevingen lopen letterlijk leeg of worden leeg geschreeuwd.

En hij zit nog steeds in zijn stoel, gebonden aan de wil van anderen… schreeuwend om aandacht en zorg.

Zijn omgeving schreeuwt vanuit angst, macht en invloed. Schreeuwt om anderen te beïnvloeden, om verantwoordelijkheid te nemen. Puur eigen belang. Maar wie van hen schreeuwt er voor hem?

Hij wil wel zelf de verantwoordelijkheid nemen, maar als gezegd… hij is gebonden aan de wil van al die anderen.

Ik kan hem niet helpen, niet op de manier zoals hij het nodig heeft. Zijn begeleiders kunnen dat als de beste. Alleen houden zij hun oren inmiddels dicht. Niet vanuit onwil, maar om het geschreeuw niet meer te horen. Van hem, want ze kunnen (en mogen) hem niet bieden wat hij nodig heeft. Nog meer voor het geschreeuw van hun omgeving. De schreeuw om macht, vanuit angst en het ontduiken van de verantwoordelijkheid.

Ook zij zijn gebonden, absoluut minder dan hij, maar gebonden wel. Gebonden door die angst, macht en behoeften van anderen. Niet die basisbehoeften, maar hele hele anderen. Ik kan hen wel helpen. Zoals zij hem begeleiden ben ik goed in het begeleiden van hen.

Van binnenuit laat ik hen ervaren hoe het is om niet ‘onder invloed te zijn’ van anderen. Om eerst liefdevol voor zichzelf te zorgen, zodat zij optimaal voor anderen kunnen zorgen. Voor hem. Dat is wat ik kan, voor hem. Met alle liefde.

Ik was inmiddels binnen, in dat gebouw waar hij buiten stond. In een gesprek over begeleiding. Daar begint mijn ‘geschreeuw’ met hem. Verbindend in gesprek met die omgevingen. Pratend met al die ‘experts’. Niet over theorieën, maar over hun angsten, hun onmacht en hun zelfzorg. Met alle betrokkenen de kwaliteiten bundelen. Voor hem blijf ik ‘schreeuwen’, blijf ik kloppen en blijf ik verbinden. Verbinden zodat hij niet meer gebonden hoeft te zijn. Veilig, in de zon, met zorg en in liefde.

Ik hoorde hem van binnenuit nog steeds. Ik hoorde een vraag in mijzelf:

Zou nu de hulp voor hem komen, van binnenuit?

 

<3 Jeroen

Bel meteen even!